U bent hier: >> Op reis naar de Pygmeeën (deel 1)

Op reis naar de Pygmeeën (deel 1)

In de tweede helft van november hebben Henk Prins en Gerrit Bril een bezoek gebracht aan de Centraal Afrikaanse Republiek.

Woensdag 13 november
Goed voorbereid zijn Henk en Gerrit op woensdagavond vertrokken vanuit Amsterdam richting Nairobi voor het eerste deel van de reis. In de koffer een geïmpregneerde klamboe tentje, goede wandelschoenen, zonnepaneel om lampjes en accu’s op te laden en voldoende kleding om ruim een week te overleven in het tropische regenwoud van Afrika. De reisbestemming is Londo, een plaatsje niet te vinden op Google Maps. Hier wonen Pygmeeën die samen met een kerk uit Bangui een conferentie gaan houden over het christelijk geloof en wat dat betekent in relatie tot de traditionele gewoonten en godsdiensten. Onder de Pygmeeën wordt al jaren geëvangeliseerd en nu wil men graag verdieping en versterking door conferenties en trainingen. Utrecht Mission is gevraagd om dit werk te ondersteunen voor de komende jaren.

Donderdag 14 november
Donderdagmorgen hebben wij een korte overstap in de Keniaanse hoofdstad Nairobi voor de volgende vlucht naar Bangui, de hoofdstad van de Centraal Afrikaanse Republiek. Als we Bangui naderen vliegen wij langs de overstroomde Ubangi rivier, er staan huizen onder water. We landen op tijd en zien meteen aan de enig andere vliegtuigen/helikopters op het vliegveld dat er veel hulp en bijstand geboden wordt aan een land wat een paar jaar geleden in diepe crisis verkeerde en waar de situatie op dit moment redelijk stabiel is. Er staan toestellen van de Verenigde Naties, van het Rode Kruis, van Artsen zonder Grenzen. Iets wat we later ook in het straatbeeld zien van Bangui, veel auto’s van hulporganisaties en voertuigen van de VN-vredesmacht. Op het vliegveld staan onze gastheren en contactpersonen Jérome Sitamon en Maurice Monkete ons al op te wachten. Wat ontbreekt is onze bagage, dat betekent meteen rekening houden met beperkingen. We logeren de komende dagen op het terrein van FATEB, een christelijk onderwijsinstituut. Met de Theologische opleiding is al jarenlang een verbinding met Nederland, vrijwel elk jaar reizen predikanten/docenten af naar FATEB om daar les te geven.
Er is vandaag geen stroom, naar verwachting pas rond 21.00 uur ’s avonds.

‘s Middags maken wij kennis met Tear Fund en horen hoe zij als ontwikkelingsorganisatie hun werk in dit land doen. Ook maken wij kennis met Acatba, hier wordt gewerkt aan Alfabetisering en Bijbelvertaling in verschillende lokale talen in de Centraal Afrikaanse Republiek. Acatba werk o.a. samen met Wycliffe Bijbelvertalers in Nederland.

Vrijdag 15 november
Om 06.00 uur zijn we wakker door kerkgezang van een kerk in de buurt, zij houden een gebedsmoment. Een half uur later stroomt het terrein van FATEB vol, zo’n 3300 leerlingen/studenten komen dagelijks naar dit terrein voor onderwijs. Het is een drukte van belang, kleuterschool, basisschool, middelbare school en een theologische faculteit.

In de loop van de ochtend gaan we naar Maison Prisca. Een opvangplek voor vrouwen, die hun leven opnieuw oppakken na verslaving of gewerkt te hebben in de prostitutie. Er is onderwijs in taal en rekenen, en er is een opleiding tot naaisters. We zien een klaslokaal vol naaimachines en vrouwen die hard aan het werk zijn om het precieze werk onder de knie te krijgen. We worden rondgeleid door Nicolas Singa Gbazia, de directeur. Hij is blij en dankbaar voor de steun van Utrecht Mission in 2017. Hierdoor konden een aantal naaimachines worden aangeschaft.

’s Middags overleggen wij met de reisgenoten over de expeditie/reis naar Londo. Het vertrek wordt een dag uitgesteld omdat één van de mensen die ook mee zou gaan morgen pas morgen aankomt vanuit Kameroen.

Op FATEB maken wij kennis met Marcelline Rabarioelina, zij is verantwoordelijk voor de ‘Ecole de Femme FATEB’. Op het FATEB terrein wonen de meeste theologiestudenten met hun gezinnen. Voor de vrouwen van de studenten is een speciaal programma opgesteld met onderwijs en het leren van allerlei vaardigheden. Marcelinne vertelt ons enthousiast over dit mooie werk.

Ondertussen zijn onze koffers gearriveerd, mooi dat we kunnen beschikken over ons hele hebben en houden. De avondmaaltijd eten wij bij kaarslicht. Het is 18.00 uur en donker, rond 21.30 uur is er opeens elektriciteit en hebben we voor een paar uur stroom.

Zaterdag 16 november
Het is een stuk rustiger op het terrein van FATEB in Bangui, alleen de middelbare school heeft een aantal uren les op zaterdagmorgen. In plaats van enkele duizenden zien we nu ‘maar’ enkele honderden jongeren op het terrein. En ze willen graag op de foto. Omdat we bijna de hele dag zonder stroom zitten doet het meegenomen zonnepaneel goed z’n werk, de accu’s van de laptop en camera/telefoon worden geladen. We ontmoeten een aantal mensen die langs komen voor een gesprek of om even de hand te schudden. Verder is het een rustige dag.

Zondag 17 november
Samen met Maurice Monkete gaan we met een taxi naar de kerk. We bezoeken de ‘Eglise Cooperation Evangelique en Centre Afrique’ in Mandja-Otto een wijk van Bangui. We kunnen niet terecht in hun eigen kerkgebouw, het gebouw staat in het overstroomde deel van de stad naast de Ubangi Rivier. Al een aantal weken worden de kerkdiensten gehouden onder een boom op het erf van een gemeentelid. Samen zingen, bidden, luisteren en Avondmaal vieren, we ervaren grote verbondenheid in Christus. Ondanks de overstromingsperikelen is er grote blijdschap en dat is zichtbaar in zang en dans.

Vlakbij die plek heeft de UNHCR een grote opvangplek gebouwd voor de mensen die getroffen zijn door de watersnood. Een aantal gemeenteleden woont daar nu tijdelijk tot ze terug kunnen naar hun eigen huis. Het water is aan het zakken en men verwacht dat de eerste mensen binnen een paar weken weer terug kunnen. Ook hoopt men de kerkdiensten binnenkort weer te houden in hun eigen kerkgebouw. Na de kerkdienst bezoeken wij het opvangkamp van de UNHCR, buiten is het ruim 30 graden, binnen in de tent is het zeker nog 10 graden warmer. Daarna lopen wij door naar het overstroomde gebied en zien dat de kerk al bijna droog staat. Komende week wordt begonnen met schoonmaken en misschien kan de gemeente aanstaande zondag hier alweer samen komen. Mooi om te zien dat men niet bij de pakken neer gaat zitten maar zo goed mogelijk de draad weer op probeert te pakken. “We helpen elkaar” horen we zeggen, “en God geeft ons kracht hiervoor”.

In de loop van de middag gaan wij met een taxi terug naar ons gastenverblijf op het FATEB-terrein. We gaan de spullen inpakken bij daglicht voor de trip naar Londo, om 06.00 uur maandagmorgen willen wij vertrekken.

Maandag 18 november
Vanmorgen om 06.00 uur staan we klaar voor vertrek, maar al gauw krijgen wij een berichtje dat het later wordt, misschien wel 08.00 uur. Uiteindelijk worden wij om 09.00 uur opgehaald, gaan we naar de verzamelplek en worden de laatste spullen ingepakt. De auto is volgepakt, met water, eten, brandstof en hulpmiddelen voor als we vast komen te zitten: een kettingzaag, spades, kapmessen en een pikhouweel. Klokslag 10.00 uur vertrekken wij. Wij zijn in Afrika en vanaf nu letten we niet meer op de tijd. We gaan op reis.

We moeten zo’n 200 km overbruggen om in Londo aan te komen. De eerste 100 km gaat over één van de hoofdwegen van de Centraal Afrikaanse Republiek vanuit Bangui richting het zuidwesten, een slecht onderhouden weg met een aantal controleposten van de politie. Weinig auto’s komen we tegen onderweg. De paar auto’s die er rijden zitten helemaal vol met mensen, sommigen hangen eraan en anderen zitten er bovenop. Na 3 uur komen we aan in Mbaïki, een provinciestadje waar we stoppen voor de lunch voordat we de route gaan rijden dwars door het tropische regenwoud.

Om 13.30 uur rijden we verder en dan blijkt dat wij de 4-wheel drive auto echt nodig hebben. Over smalle modderige paden, houten bruggen en veel groen banen we ons een weg door het oerwoud. De afstand naar het dorpje waar we graag voor het donker wordt willen arriveren is zo’n 30 km. Twee motorrijders met bijrijder zoeken voor de auto een weg over de smalle paden. De auto is zwaarbeladen, met veel bagage en 7 passagiers op de laadbak. En dan zakken we weg in de modder en staat de auto muurvast. Met man en macht wordt er gewerkt om de auto uit te graven, het is ruim een uur later dat we langzaam de weg kunnen vervolgen. Maar het zit niet mee, opnieuw komen we vast te zitten. Opnieuw uitgraven en met kapmessen de struiken weghakken om zo langs de diepe sporen te kunnen rijden. Het is 18.00 uur en het wordt inmiddels donker, we moeten nog zo’n 5 km afleggen naar het dorpje Moluku en opnieuw lopen we vast en het ritueel van uitgraven herhaalt zich. Samen met een paar medepassagiers gaan we lopen, hoofdlampje aan en zo volgen wij in het donker het pad naar het dorp. De anderen graven de auto uit. Na een wandeling van 1 ½ uur arriveren wij in Moluku en rond 21.15 uur komt de auto aan. We krijgen eten, zetten ons klamboe tentje op en gaan slapen onder een afdakje. Een lange en vermoeiende dag en benieuwd wat de dag van morgen ons gaat brengen.

Dinsdag 19 november
Rond 06.00 uur wordt het licht, we zijn wakker na een goede nachtrust. De boel inpakken en een kopje koffie en rond 07.00 uur zitten we in de auto en vervolgen wij onze expeditie richting Londo. Nog ruim 70 km, nou dat moet te doen zijn in één dag. Hoopvol gaan we op pad. We proberen diepe gaten te vermijden en het gaat redelijk goed, totdat de weg geblokkeerd wordt door een omgevallen boom. Een forse boom en er is geen enkele mogelijkheid om er om heen te rijden. Iedereen stap uit en de kettingzaag wordt voor de dag gehaald. We zien dat het geen gemakkelijke klus wordt. Vervolgens zijn we uren bezig om de boom in stukken te zagen en weg te duwen. Na bijna 3 uur is de weg vrij en kunnen we verder.

Tijdens het lange wachten genieten we van de natuur, veel groen, weinig dieren, veel vogelgeluiden en prachtige vlinders. Je hoeft maar even te gaan zitten of ze komen op je broek zitten. Een paar kinderen komen op het geluid af. Met kapmes in de hand kijken ze de bewegingen op het pad in het oerwoud. We gaan weer verder, rijden een paar kilometer en stoppen dan opnieuw. De sporen zijn zo diep dat auto er niet doorheen kan, we moeten een omleiding kappen in het bos. Met 5 man sterk wordt ruim een uur hard gewerkt en is er ruimte om met de auto door te gaan.

Het is in de loop van de middag dat we opnieuw vast komen te zitten. Na weer veel graaf- en duwwerk kunnen we een paar kilometer verder. Het zit niet mee vandaag en het gaat al schemeren als we opnieuw vastzitten. Opnieuw spitten, hakken en duwen. Om 19.30 uur komen we aan in Moale en besluiten daar te overnachten. Vandaag 22 kilometer afgelegd en 12 ½ uur onderweg geweest.

Woensdag 20 november
Het is 6 uur, de zon komt op en maakt de morgen wakker. Het eerste wat ik zie zijn de vrouwen uit het dorp die met de gele jerrycans op weg zijn naar de rivier om water te halen. Iedereen is druk bezig om de boel snel in te pakken, we drinken koffie en bidden samen voor de dag die komen gaat. Al snel laten we Moale achter ons, 45 kilometer voor de boeg voordat we in Londo, onze eindbestemming aankomen. Met de ervaringen van de afgelopen dagen weten we dat het geen gemakkelijke rit zal worden, en we weten ook dat Moale het laatste dorpje was op onze route onderweg naar Londo. Nu 45 km alleen maar oerwoud.

De reis begint voorspoedig, we stoppen bij een kleine nederzetting van Pygmee-mannen Ze bouwen dit in het oerwoud om dat te gebruiken voor een paar maanden als uitvalsbasis om op jacht te gaan. We maken foto’s en rijden verder, maar dan gaat het weer mis. Net zoals de afgelopen dagen loopt de auto vast met de bodemplaat tegen de opstaande rand van de greppel. Dat betekent weer uitgraven en duwen. We besluiten om de laadbak helemaal leeg te halen, scheelt toch zo’n 500 kg en dat betekent dat de auto niet zo diep meer ligt. En het helpt, na ruim een uur kunnen we onze weg vervolgen. En zo gebeurt het nog een paar keer.

Het wordt al donker en uiteindelijk naderen we Londo rond 20.00 uur. Nog een paar kilometer, we worden enthousiast, en vlakbij Londo beginnen de mensen in de laadbak spontaan te zingen: “Jezus, de Zoon van God, onze Overwinnaar”. En zo rijden we Londo binnen, in het duister zien wij bij het licht van de koplampen veel kinderen die juichend meelopen, volwassenen die hard roepen en mee gaan zingen. We zijn er en we zijn echt welkom!

Print Friendly, PDF & Email